vrijdag 6 juni 2014

Vanuatu, eilanden met vulkanen, vuur, verrassingen en vriendschap.

Tijd is schaars zodat we ons weer klaarmaken om op weg te gaan, op zoek naar andere horizonten, naar Vanuatu. Dag Fiji, je was ons lief.
De vlag van Vanuatu heb ik al gemaakt en ook een Ierse vlag voor ons crew member aan boord, Sue. Zij reist op haar Ierse paspoort maar ze komt uit Zuid Afrika. Dus de Ierse vlag komt aan de andere kant van de mast.
 In Musket Cove maken we kennis met Sue en Andrew uit Zuid-Afrika. Zij wonen en werken in Fiji en hebben een zeilbootje voor de weekenden. Sue vaart met ons mee naar Vanuatu en stapt na drie weken daar op het vliegtuig terug naar Fiji. Zij spreekt naast Engels ook wat Zuid-Afrikaans, voor ons een vreemd maar leuk taaltje, we lachen heel wat af. Zij is net als wij vier dagen zeeziek! Goed om af te vallen! De zee was weer eens zo dol als een overvolle centrifuge, dus iedere dag ziek of misselijk.
We hebben het voordeel van de passaatwinden die ons van achter voortduwen naar het westen, maar er ook voor zorgen dat we nogal schommelen en rollen. De laatste middag trekt de wind aan tot 30 knopen. Hoge zeeën komen van achteren, Drifter deint van recht naar links. Na vier dagen ronden we de riffen van het eiland Anatom (Aneityum) en varen om 12.00 uur in de nacht de baai binnen. Gelukkig schijnt de maan voluit en begeleidt ons naar binnen. Helpt altijd een beetje om het allemaal wat minder erg te maken. Voor de zoveelste maal vraag ik me af waar we toch mee bezig zijn. Maar zoals altijd vervaagt dat gevoel als we aankomen en een intens tevreden gevoel komt daarvoor in de plaats als we beschut achter ons anker liggen en moe en voldaan een borrel drinken. Proost Drifter, proost meid je hebt het weer geflikt!
De mensen die we treffen op het strand zijn minder uitnodigend dan in Fiji, geen uitbundig Bula, bula meer maar een bescheiden ‘’Hello of Ramàsen’’. Bislama, de taal van Vanuatu lijkt soms ook op het Zuid-Afrikaans! Engels doorspekt met voor ons vreemd klinkende woorden. Het zogenaamd pidgin Engels, bv, ‘’Yu tok tok Engglis? : Spreek je English?
Nem blong mi:  mijn naam is…’’   
Tankyu tumas:  dank je
Lukem yu: tot ziens. ‘’
De mensen zijn meer afwachtend en meer op zich zelf, maar heel vriendelijk en hulpvaardig als je ze aanspreekt. Naast hun eigen taal met veel dialecten is de kans groot dat zij Engels en Frans spreken. Overal waar we komen gaan we weg met armen vol fruit en groenten, grote en kleine bananen, papaja’s, avocado’s, mandarijnen, sinasappels en pompelmoezen. Na ons bezoek aan Suriname niet meer zo’n grote lekkere sappige pompelmoezen geproefd, yammie!
Zij gebruiken vooral natuurlijke materialen van meestal grassen, pandanus, rotan en kokos bladeren voor kostuums, tassen, visnetten, kleden en kleren. De meeste huizen en hutten zijn dekt met de bladeren van de kokosnoot bomen. De vrouwen zorgen voornamelijk voor de kinderen, werken in de tuinen, weven matten, kleding en dakbedekking, en zorgen voor de varkens van de man. De mannen hebben het druk met discussies in meetings in de nakamal, (clubhuis voor mannen)vissen, het bouwen van de kleine houten kano’s en het snijden van houten voorwerpen. Terwijl de vrouwen zorgen voor de avondmaaltijd drinken de mannen in de nakamal en drinken cava.
We liggen vijf dagen verwaait in Anatom omdat de harde wind aanhoudt. Het slechte weer met veel wind en regen weerhoudt de mannen niet om een partijtje voetbal te spelen, de nationale sport. Allen kennen de namen van verschillende Nederlandse voetballers.
Een groot cruise schip keert om na een aantal ankerpogingen. Helaas, voor hen maar voor ons héél prettig. Met de kleine rubberboot varen we toch iedere dag naar de verschillende stranden ook al komen we iedere keer daar kletsnat aan en lijkt het ritje in de dinghy meer en meer op een bokkig onwillig paard. Strandjutten en kletsen met de mensen is daarna ons grootste plezier.
Voor het eerste dragen we wat warmere kleding en dagen zie je mij in het geel (stormmuts en regenjas) met rubber laarzen zwalkend gebogen tegen de wind in. Er komen met de dag meer zeilboten de baai in. Ook zij zijn heel blij beschut te liggen na de moeilijke overtocht, vooral degene die uit New Zealand komen. Poeh! 10 tot 11 dagen.
Het eiland organiseert een samenkomst met al de yachties. Dansen, kledij en eten voor ons. Ook informatie over wat we maar willen weten. Het drinken van Cava valt niet mee. Een stuk sterker dan in Fiji en je tong voelt meteen na de eerste slok dik en verlamd aan. Arnold en Sue drinken iets teveel en zijn de volgende dag niets waard. Arnold blijft zelfs de hele dag in bed! Hi,hi…

50 zeemijlen verder ligt Tanna. Dat is te halen in een dag. Kapitein Cook ankerde in deze baai, een speciaal gevoel voor ons! Ook hier kleine dorpen van gras hutten, open vuren en naakte stoffige kinderen. Vrouwen bezig met het smeren van kokosnotenpasta in gekookte groene bladeren. Ik wordt door verschillende vrouwen mee genomen en zij laten me de hut zien waar een soort langwerpige broodjes worden gebakken. Hier kopen we deze kleine zoete broodjes en krijgen weer ladingen fruit en groenten die we later delen met anderen. Een dag later brengen we kleding en heb ik speculaas gebakken voor de mensen.
Bedankt Marjan en Marjo voor de kleding. Ook anderen die ik nu vergeet, bedankt voor de giften. Hier is nergens een winkeltje te zien en de rit naar het stadje is vaak veel te duur. In het dorpje is iemand met een dvd spelertje dat niet meer oplaad maar nog wel dvd’s kan afspelen. Wij vinden ergens nog 6 dvd met filmpjes. Moeilijk omdat we meer en meer externe harddisken aan boord hebben. Ad, bedankt joh, voor de laatste terrabites met de nieuwste films.
We wassen onze kleding in de warmwaterbronnen op het strand en worden begeleid door veel kinderen met hun moeders. Mooi geen lichamelijke wasbeurt, teveel kijkers! Het is echt uitkijken geblazen omdat je voeten wegzakken in het zwarte warme zand van de vulkaan en het iets dieper zo heet is dat je je voeten verbrand. Dit overkomt Sue dus.

We zijn dus op het eiland met een actieve vulkaan, Yasur en in de nacht zien we vuur- en rookgloed achter de berg. Er is geen bank op het eiland en we hebben niet genoeg geld om alles te doen, omdat we een Franse familie geld hebben gegeven. Vandaar dat we de keuze moeten maken. Sue en ik kiezen voor het stadje en Arnold met tien anderen in een four weel drive truck naar de vulkaan.
De wegen zijn slecht tot zeer slecht en grote gaten en richels waar de hele auto soms in verdwijnt, Lord o Lord! De rit langs de vulkaan is overweldigend. Daar glijden we een lange tijd over een tapijt van tientallen meters as in een totale grijze wereld en steken ook tussendoor een rivier over. Dan weer door regenwouden en langs de oceaan met de hoge surfgolven. Wauw wat een rit! Er wonen hier mensen en we zien jonge jongens een partijtje voetbal spelen op de assen van de vulkaan!
Soms is het wel lekker om een vrouw te zijn en dit voorrecht zorgde ervoor dat wij met vieren in de ‘’luxe’’truck zaten en de mannen op houten bankje in de open bak achterin. Ons hoorde je niet klagen! 
Onderweg kleine kraampjes of stalletjes met fruit en groenten. Kastanjes, geregen aan een strostreng en pinda’s gebonden als een tuiltje viooltjes.
Het stadje stoffig, en de kleine winkeltjes vaak te donker om te zien wat zij verkopen. Geen grote supermarkten. Kaas? No way! Wel een kleurige markt waar we brood kunnen kopen, pakzooi en lenteui. Alles verpakt in grote bladeren meestal van de bananenboom. Mooi.
Arnold zien we nog voor hij vertrekt naar Yasur. Klimmen over zwarte stof naar de rand van de krater. Niet in het oog van de orkaan maar wel in het oog van de vulkaan! Niet van gevaar ontdaan want soms vliegen de stukken lava hoger op dan de bezoekers zelf.
Op 25 mei varen we naar het eiland Efate, met de hoofdstad Port Vila. Een nacht en dag varen! Tijdens mijn wacht van 12.00 tot 4.00 uur in de nacht samen met Sue slaapt zij aan een stuk door. Toch is het fijn dat zij daar ligt te ronken want ik voel me dan niet zo alleen.
In de baai van Port Vila liggen tientallen zeilboten en in de bar/restaurant maken we met een aantal van hen kennis. Ook zien we Peter die we kennen van Christchurch in New Zealand, een oud collega van Flip, onze schoonbroer. Wat een leuk en onverwacht weerzien. Hij heeft Arnold bij heel wat klussen geholpen vooral op technisch gebied en ligt nu hier met zijn zeilboot. Gaat terug naar NZ en verkoopt de boot. Een landleven trekt hem toch meer!
Intussen is duidelijk dat we een nieuwe flexibele koppeling voor de schroefas moeten hebben. Zal vanuit New Zealand of Australië moeten komen. De oude heeft echt teveel slijtage en er is al drie keer een bout gebroken. Opnieuw komt de deskundigheid van Peter van pas. Arnold is nu druk doende met e-mail en Skype om de koppeling zo snel mogelijk geleverd te krijgen. Voorlopig zitten we nog wel op schema, hoewel we Thursday Island in Torres Strait zullen moeten schrappen. Jammer want ik was erg benieuwd naar de art van de daar wonende Aboriginals.

Coby
Juni 2014









dinsdag 8 april 2014

By by Savusavu

Hallo lieve mensen
We hebben een pracht foto van ons kleinkind Tygo gekregen, helemaal geweldig omdat ongeveer 35 jaar geleden Stephan als klein manneke op dezelfde manier gefotografeerd werd. Wat kunnen de bossen en seizoenen van Nederland imposant mooi zijn, zeker met zo’n lief kereltje op de voorgrond.
Marjan, een van de zussen van Arnold is bij ons aan boord gekomen en dat voor ruim drie en een halve week. Dat betekent dat we vertrekken uit Savusavu. Ons oog gericht op de weerkaarten omdat we nog steeds in het cycloonseizoen zitten. De schuilplekken, de zogenaamde ‘cyclone holes’ weten we te vinden als we hier weg varen.
Het weer laat het niet toe om al te gaan en de eerste week liggen we nog vast in de Copra Shed Marina. Intussen gaan we met Drifter een paar keer naar Gousteau ressort, waar schoner zeewater is. Daar wordt de watermaker die Arnold zelf gebouwd heeft getest. Bij de tweede poging maken we 80 liter per uur. Jawel, zeewater wordt door filters en pomp omgezet tot drinkwater! Jippie! Bij het ressort snorkelt Marjan voor het eerst een beetje, wel met één hand aan de dinghy…

In die week lopen Marjan en ik veel, zelfs heel vroeg in de morgen omdat het anders te warm wordt. Als de zon om 5.15 uur opkomt, is het al 30 graden. We zweten heel wat peentjes.
Dan breekt het moment aan van afscheid nemen van mensen die we in Savusavu hebben leren kennen. Minder moeilijk dan ik dacht omdat de drang om verder te gaan sterk overheerst. Dag José, Jeff, Koekie, Yan, Eve, Seteri, Simon, Jaoa, Gerry, de twee Milly ‘s en ook Lara en Pinto die we helaas tekort hebben mee gemaakt. Dag lieve mensen.
 Los, laat gaan die mooringlijn en vrij, vrij is Drifter! By by Savusavu.

23 maart 
We hebben 125 zeemijlen te gaan naar Suva, de hoofdstad van Fiji op het eiland Vitu Levu. Dat halen we niet in een dag zodat we ook de nacht door varen en ’s morgens aankomen. Marjan krijgt het voor haar kiezen omdat de wind behoorlijk aanwakkert tijdens de verschillende buien die overtrekken. Half pilletje tegen zeeziekte werkt wel, maar toch misselijk. Ook ik en zelfs Arnold heeft een zwak moment. De reling is dichtbij en de zee groot! We voeren unaniem de vissen…
Suva is een gemêleerde stad met veel kleine Indische winkeltjes naast grote luxe superzaken voor de immens grote cruiseschepen die deze stad aandoen. Soms geladen met meer dan 2000 vakantiegangers, de zogenaamde vleesfabrieken! Deze giga schepen, opgesierd met gekleurde glijbanen op de hoogste dekken, torenen hoog boven de stad uit!
De oude Engelse Royal Suva Yacht Club voorziet ons van lekkere koude Corona’s, 4 in een emmer voor 28 Fiji dollars. ( 19,50 Euro) Arnold drinkt liever zijn Fiji bitter.
We krijgen snel genoeg van die drukte en we varen 37 mijl verder naar Vunania bay. We hebben een fijne trip achter de rug met veel zon maar waarin de wind toeneemt tot 25 knopen (windkracht 6). Hier liggen we achter het rif. Marjan ziet voor het eerst de rollende golven die door wind opgezwiept worden bij de riffen. Wij noemen ze  vaak een kudde witte briesende paarden.
De volgende dag is de wind te hard en er zijn volop buien. We besluiten te blijven liggen. Dat heet verwaaid liggen. Lezen, schrijven, speculaas bakken en eppen! Stroom en internet genoeg, met Bob Dylan en anderen op de achtergrond, heerlijk toch?
En dan onderweg 5 dolfijnen, de gespikkelde soort. De tweede keer zijn het de effen grijze dolfijnen en veel meer. Mooi toch?

29 maart 
We varen richting Robinson Crusoë eiland en onderweg hebben we ‘beet’. Een grote Wahoo aan de lijn. Als we de vis binnen halen kan ik nog net een paar foto’s maken voordat de vis los schiet en ons goedendag wuift! Even later hebben we weer beet en plots snapt de lijn op het eind van de molen. Weg, lijn en kunstaas. Dat was zeker een ‘grote’! Onze lijnen kunnen 70 à 80 kg hebben! Bij Robinson Crusoë eiland varen we de baai binnen. Hoe vaak zijn Arnold en ik hier al geweest? Het welkom is als vanouds hartelijk en de dansen opzwepend. Marjan en wij genieten. We blijven een paar dagen en ook hier is er een speciaal afscheid van de vele hartelijke stafleden. 
In Denerau dat we kennen als onze broekzak ziet Marjan voor het eerst de toeristen stroom op gang komen bij de grote veerboten die vanuit hier naar de verschillende eilanden en ressorts varen. Vanuit hier wandelen Marjan en ik via Hotel Hilton langs enkele stranden en ressorts terug. Luxe alom.
In de stad Nadi bezoeken we de Indische Tempel. Dit valt tegen omdat we in de tempel- en bijgebouwen niet van binnen mogen bekijken. Foto’s maken is ook verboden. Nee, geef ons de lokale markt maar. Vers fruit en groenten.
Dan vertrekken we naar Musket Cove waar ik een foto maak van Marjan op dezelfde plek waar Josje en Flip liepen zo’n twee jaar geleden. Er staat nog maar één lange palmboom op de plaats waar er drie jaar geleden drie stonden. De cycloon Evan sloeg hier toe in december 2012.
De bar op het eilandje is vernieuwd en zeker niet slechter zoals andere vernieuwingen om ons heen. Nee, dit ziet er echt leuk uit. Jammer dat de acht bbq’s, waar ieder zijn eigen vuur kon stoken, verdwenen zijn en vervangen door een paar elektrische. De meeste mannen spelen graag met vuur, toch?


7 april
Marjan trakteert ons op een diner in het restaurant van Musket Cove. We kiezen voor lokale schotels waar we zeker geen spijt van hebben. In een woord, ‘’heerlijk!’’ 
Ah, palmbomen, witte stranden, azuur zeewater, riffen, koraal- en zandbanken, bar, koude drankjes en wat al niet meer. Daar droomt eenieder van? Toch willen we graag een klein dorp bezoeken omdat dit niet het enige Fiji is. Fiji is nog altijd een derdewereldland, de armoede is groot. We boeken voor een eilandhop. Dat gaat helaas niet door omdat het de hele dag regent. De volgende dag staat snorkelen op de agenda. Twee jaar geleden genoot Josje ook toen Arnold haar de fijne kneepjes bijbracht van het snorkelen. Zo nu ook bij Marjan. Blij als een kind, springend en dansend kwam zij naar mij toe op de zandbank en haar reactie? ‘’Dat ik dit nog mee kan maken!’’

De heuvels op dit eiland nodigen ons uit tot een paar mooie wandelingen.  
Wij gaan met een snelle boot naar Malolodorp waar we een schooltje bezoeken en Marjan ziet daar voor het eerst hoe armoedig en eenvoudig de mensen wonen. Kleine golfplaten schuurtjes staan aan het strand en de vuilnis stapelt zich op.  Duidelijk de andere kant van Fiji.  
Dan breekt de dag van vertrek aan en we varen naar Denerau van waaruit Marjan in Nadi op het vliegtuig stapt. Jammer, dat ze vertrekt, we zullen haar missen. Dag lieve Bally!

April 2014
Coby en Arnold






zaterdag 15 februari 2014

Ons derde bezoek aan Wallis

Prachtig toch?
 Ça nous plait beaucoup ici! Bonjour, salute Wallis!
We kijken uit over een grote baai, omgeven door droogvallende riffen met azuurkleurig water en dat alles gelardeerd met palmen en eilandjes. Wij genieten van dit alles vanuit een prachthuis, helemaal alleen voor ons en nog gratis ook. Heel speciaal omdat we vrienden hebben overgehouden van onze eerdere bezoeken aan Wallis met Drifter. Nu dus deze geweldige aanbieding voor ons.
Waarom weer in Wallis? Wederom voor een verlenging van het visum voor Fiji. Voor de verandering deze keer een retourtje met het vliegtuig. Het is cycloonseizoen, vandaar dat we Drifter achterlaten in het wat meer beschutte Savusavu.
Oké, niet alles is rozengeur en maneschijn omdat bij aankomst in Wallis blijkt dat mijn rugzak onderweg is zoekgeraakt! De luchthavenmedewerkers zijn vriendelijk en hulpvaardig. Telefoontjes en mails gaan over en weer naar Nadi airport in Fiji. Op het moment zit ik zonder verse slipjes, kleding, sandaaltjes en alles voor deze vakantie nodig! Zelfs voor mijn medicijnen die ik iedere dag slik moesten we zaterdagmiddag naar het ziekenhuis en er maandag weer voor terug komen. Niet het allerergste, dat besef ik maar al te goed, ware het niet dat mijn boek met aantekeningen, verhalen en tekeningen over de laatste tien jaren ook in die rugzak zat!!!!! En dat is onvervangbaar!
Nu, een dag later springen de tranen me in de ogen en voel ik me vooral gefrustreerd. Kunnen pas over een week terug naar Nadi om er daar alsnog achteraan te gaan. In de tussentijd maar afwachten en niets doen? Hier neemt het personeel van de luchthaven het persoonlijk op en schamen zich een beetje dat dit ons is overkomen. Wij troosten ze!
Stephan heeft dit eerder meegemaakt in Panama.
 
Op zondagmorgen zijn de kleine supermarkt winkeltjes open en Arnold heeft net Frans stokbrood gehaald, met Franse kaas en paté, de tafel gedekt en lekkere Franse koffie gezet! De Lieverd!

Het kostte ons meer dan 16 uur reizen om uiteindelijk in het vliegtuig te stappen. Midden in de nacht bussen naar de boot heeft wel iets. Een paar uur over een onverhard weg. De ferry, vol met overal slapende mensen her en der verspreid over stoelen en vloeren, bijgestaan door drie tv’s met surrounding sound Systems actiefilms, overschreden met ik weet niet hoeveel decibels! We weten twee zitplaatsen te bemachtigen, echter vlak bij de toiletten die naarmate de reis duurde bepaalde nare luchten verspreidden tezamen met de al natuurlijke geuren van ongewassen lichamen rond om ons heen. Helemaal ons pakkie-an dus zoals jullie inmiddels wel weten.
De vlucht van anderhalf uur in een comfortabel en fris ruikend Frans vliegtuig met heerlijke belegde broodjes en Franse wijn was weer eens de zoveelste cultuurschok voor ons. Hi,hi…

Gisteren, bij bezoek aan huisarts in het ziekenhuis moesten we een lange tijd wachten voor medicijnen die ik door het verlies van mijn tas niet meer had. Daar werd het naar gelang de tijd verstreek steeds voller en voller, ook omdat de mensen enorm dik zijn.
Wallis als eiland koos in het verleden voor protectie van Frankrijk en dat geldt nu heden ten dage nog. De mensen van Polynesië zijn van zichzelf heel fors gebouwd en zagen/zien het zelfs als een schoonheid om zoveel als mogelijk uit te dijen! Heel wat anders dan de Europese manie om zo mager mogelijk te zijn. Op beide fronten zie je de keerzijde dan ook. Hier in Polynesië eten de mensen al van oudsher veel rijke meelprodukten zoals taro en casava en daarnaast zoetigheden afkomstig van het suikerriet dat overal verbouwd wordt. Daarnaast bewegen zij weinig. Met de Fransen kwam er verandering in hun voedsel. Naast het al calorierijke eten komen er nu ook veel vetten bij van snacks en slechte suikers zorgen nu voor een enorme gewichtstoename. Gevolg? Veel hart- en vaatziekten maar ook veel diabetes. Er wordt gezegd dat een op de drie mensen hier diabetisch is! Er worden dan ook veel operaties aan het hart, vaten, maar ook aan knie en heupen gedaan in NZ en Australië.
Tijdens een aantal gesprekken vertelden mensen over hun bezoek aan deze landen en de operaties die zij daar hadden ondergaan, dus toch wel anders dan een gewone vakantie zoals we eerder dachten.
De medische zorg is in Wallis en Futuna gratis. Nu ja, gratis, Frankrijk betaalt uiteraard!
Je ziet ook een wat scheef gegroeide ontwikkeling van de 'rijke' Fransen en de lokale bevolking die al de luxe ook wil met de nadelige gevolgen van dien voor de cultuur, maar vooral ook voor hun fysiek gestel. Overal hangen dan ook posters met waarschuwingen en tv- en radioprogramma's maken dagelijks melding van deze ongezonde ontwikkeling en de forse gewichtstoenames. Er wordt hard gewerkt aan preventie en voor een gezonder leven omdat dit Frankrijk miljoenen kost aan Euro’s!
De bevolking van Polynesië die met de komst van ontdekkingsreizigers en kolonisten in het verleden werd uitgemoord en ten prooi viel aan 'vreemde' ziekten ontkomen nog steeds niet aan de 'overheersing'. Dit vond niet alleen in het verleden plaats maar duurt nog steeds voort! Alleen nu dus onder een andere dekmantel.

We kregen een telefoontje van het vliegveld met het bericht dat de rugzak terecht is. Staat nog in Nadi, Fiji. Omdat er maar één vlucht per week gaat kan hij niet worden nagestuurd maar wordt de rugtas daar vastgehouden tot wij weer terug zijn in Fiji. Gelukkig heeft Laurence dezelfde maat als ik en ik mag haar kleding dan ook zonder meer gebruiken. Maar het belangrijkste is natuurlijk dat mijn boek niet verloren is gegaan.


Wij genieten vooral van het eiland, huis en gebruik van de auto. Ook van de bezoeken aan onze Franse vrienden, Bruno en Marie-Carmen. Beiden kunstenaars en hun huis straalt dat aan alle kanten uit. Interessant maar vooral erg boeiend. Zo veel te zien, in iedere hoek staat of hangen werkstukken of gewoon verzameldingen van allerlei materialen die het eiland te bieden heeft. Gezellig rommelig en sfeervol, ook door de aanwezigheid van vier jonge katjes die ons bezighouden met hun capriolen. Het geeft me nu al weer voor de derde keer een enorme inspiratie om verder te gaan in het werken met tappa en misschien nog ander werk. Tappa oftewel Masi bestaat uit de binnenlaag van de bast van een speciale boom. Deze laag wordt met hout op hout plat ‘gehamerd’. De stroken zijn erg dun en er worden dan ook in 2 of meer lagen op elkaar gelegd. Na behandeling en drogen worden er stroken aaneen gevoegd tot grotere afmetingen waarvan wandkleden en kleding gemaakt wordt voor speciale gelegenheden. De toeristische industrie maakt er vooral boek- en mapomslagen van. In Fiji worden er motieven op gestempeld in meestal drie kleuren, zwart, donkerbruin en donkerrood.
Hier in Wallis wordt naast het stempelen een heel andere techniek toegepast zoals beschilderen of met fijne pen bewerken en zijn de motieven veel ingewikkelder. De grove structuur bepaalt de lijnen. Deze laatste techniek heb ik me eigen gemaakt, zoals verschillenden van jullie al met Kerstmis konden zien op de kerstkaart. Ik maak nu heel wat grotere stukken.

Geïnspireerd door de motieven van Wallis
Het is heerlijk om vroeg, erg vroeg in de ochtend te wandelen, meestal om 6 uur omdat het later te warm wordt om te lopen. Dus dat doen Arnold en ik iedere dag. Echter, na een week Wallis hadden we het wel zo’n beetje gezien omdat er verder weinig op het hele eiland te zien en te beleven is. Er rijden niet eens bussen of taxi’s, niet nodig deze keer maar dat geeft een beetje een idee hoe het er hier aan toe gaat. Nergens een centrum, barretje of de mogelijkheid om gezellig te winkelen. Wel heel veel grote kerken waar tijdens de missen alleen de lokale bevolking komt. Zij en de Fransen integreren niet, enerzijds omdat de Koning van Wallis dit afhoudt en anderzijds omdat de Fransen er maar maximaal 3 of 4 jaar blijven en dan weer terug gaan naar Frankrijk. Aan de jeugd worden faciliteiten geboden om te studeren in Frankrijk en deze vertrekt dan ook van het eiland om in de meeste gevallen niet meer terug te keren.

Bij terugkomst stond mijn bagage inderdaad te wachten, niet eens een verontschuldiging, zeker geen klachtenbureau aanwezig. Tja, het is Fiji zoals we weten.
In het hotel in Fiji last van bedbugs die me overal staken en een ander hotel werd naarstig gezocht. Heel wat schoner deze keer! Weer een ervaring rijker!
Inmiddels hebben we gehoord dat Marjan, Arnolds oudste zus ons voor drie en een halve week komt opzoeken waar we erg naar uitkijken.

Tot schrijfs, Arnold en Coby 


'n zwoele avond samen met Bruno en Marie-Carmen
 
 

 

woensdag 8 januari 2014

Kerst met kokosnoten

Onderstaand artikel stond 24 december j.l. in de Tilburgse editie van het  Brabants Dagblad
De tekst is van Pascal Vugts
Het is ook te lezen in Inspirituìtief Webmagazine GewoonGeestig   

 

Van Tilburg naar Tonga: een 10-jaar durend zeilavontuur

 

Kerst met kokosnoten

 
Het klinkt als een droom die zelden werkelijkheid wordt: met een zeilboot eindeloos de wereld rondreizen. Voor Coby en Arnold werd het realiteit. Inmiddels zeilt het Tilburgse stel al tien jaar met hun boot ‘Drifter’ de wereld rond om aan te leggen bij tropische eilandjes die nauwelijks op de kaart staan.

Dit jaar geen witte of grijze kerst voor het Tilburgse koppel Coby Stinissen en Arnold Lelijveld. Verre van dat: de feestdagen beleven zij op slippers in een decor van wuivende palmbomen, een tropische baai en schilderachtige zonsondergangen. Net als vorig jaar overigens, en het jaar daarvoor, en het jaar dáárvoor. Momenteel liggen ze met hun 14-meter lange Drifter voor anker bij Vanua Levu, het één na grootste eiland van Fiji en net iets groter dan Noord-Brabant.

Naar Fiji zeilen doe je natuurlijk niet zomaar. “Er zijn meer zeilers die er op uittrekken via de wereldzeeën. Sommigen maken een rondje van een of twee jaar rond de Atlantische Oceaan, anderen gaan rond de wereld,” vertelt Arnold. “Er zijn er ook die ergens blijven waar het bevalt. Zoveel zeilers, zoveel zinnen. Wij doen het langzaam aan.”
Wat je langzaam aan noemt: aankomend voorjaar is het exact tien jaar geleden dat hun trip begon. Tot dan woonden Coby en Arnold op een woonboot in de Piushaven en namen daar het rigoureus besluit om hun vaste stek en spullen op te geven voor een wereldreis per zeilboot voor onbepaalde tijd. Arnold: “Verblijf op het water heeft mij altijd een intens gevoel van vrijheid gegeven. Met de boot door Nederland trekken, een oversteekje maken naar Engeland of gewoon thuis zijn op onze woonboot in de Piushaven in Tilburg, ik was me altijd bewust van dat gevoel. Het is er nog steeds, ook nu Drifter bijna tien jaar ons vaste home is en verblijf op het water inmiddels de gewoonste zaak van de wereld is voor ons. Waardevol hè?”
In die tien jaar ging de trip vanuit Nederland naar het Middellandse Zeegebied, om via westelijk Afrika en Zuid-Amerika de Stille Oceaan aan te doen. Arnold: “We verbleven aan de Portugese en Spaanse kusten, we wandelden op Madeira, zeilden naar de Kaapverdische eilanden en naar Dakar in Senegal. We voeren bijna 300 kilometer de Gambiarivier op tussen de nijlpaarden en krokodillen.”
Vanuit westelijk Afrika lonkte de overkant van de grote plas, vertelt Arnold. “Na de oversteek van de Atlantische Oceaan vertoefden we een half jaar in Brazilië. We maakten de mooiste dingen mee. Op Duivelseiland in Frans Guyana liepen we door de gevangenissen waar Henry Charrière inspiratie opdeed voor zijn boek ‘Papillon’. Kippenvel…”
Drifter brengt ze naar toeristische spots, maar ook naar plekken waar de doorsnee toerist geweerd wordt. Zoals de San Blas eilanden voor de Panamese kust. “ Ze worden bewoond door de Kuna indianen,” verhaalt Arnold. “Deze hebben vroeger al besloten erg zuinig te zijn op hun cultuur en weren daarom ook toerisme. Het was een voorrecht deze mensen te ontmoeten en hun eilanden te bezoeken.”
De route leidt vervolgens door het roemruchte Panama Kanaal naar de Pacific, de grootste van de oceanen, waar Paaseiland een van de highlights vormt. Arnold: “We kwamen bij toeval in een Polynesisch cultureel festival terecht. Dit was met name bijzonder omdat hier de cultuur en de dansen nooit beïnvloed zijn geweest door de missionarissen.” Minstens zo bijzonder was het minuscule eiland Pitcairn, bekend van de muiterij op de Bounty. “De muiters streken hier in de achttiende eeuw neer samen met een paar mannen en vrouwen van Tahiti en stichtten hun eigen gemeenschap. Hun nazaten leven nog op het eiland en wij waren met hen.” Ter info, er wonen op Pitcairn Island net iets meer dan 60 mensen.

Hoewel klinkend als een sprookje vol vrijheid en fantastische oorden zit er ook een keerzijde aan de medaille: de boot vergt continue onderhoud én je moet elkaars aanwezigheid goed kunnen uitstaan. Dat is niet altijd even makkelijk. “Het voortdurend op elkaars lip zitten zonder elkander van de boot af te vechten vereist inderdaad wel een goede relatie naast de nodige tolerantie en communicatie,” aldus Arnold. “In een 'normaal' leven heb je je werk, hobby's, vrienden, familie...genoeg afleiding,” vult Coby aan. “Wij kunnen niet om elkaar heen en dat vraagt soms wat aanpassingen. Wij hebben de afspraak om tijdens het zeilen geen woorden te hebben omdat je dan erg van elkaar afhankelijk bent en juist dan een goede verstandhouding moet hebben. Als we later achter ons anker liggen zijn we de ongemakken alweer vergeten. Maar weinig ruimte? Man, we hebben de space of the whole world around us!”

Hoewel je geen lottowinnaar hoeft te zijn heeft een trip als deze uiteraard wel een kostenplaatje. “We vertrokken met een paar jaar zonder inkomsten voor de boeg,” zegt Coby. “We hebben alles verkocht en van dat geld zouden we die tijd kunnen overbruggen. Wij hadden een prognose met de natte vinger omhoog gemaakt van zo'n €15.000 per jaar met daarin ook het onderhoud aan de boot. Low budget dus, maar meestal is het leven zoals hier op Fiji wat goedkoper. Je hoort ons niet klagen: we leven van een pensioentje en AOW sinds Arnold 65 is. Wij hebben geen vaste lasten maar de boot en verzekeringen leveren aardige kostenposten op. In feite hebben we steeds minder nodig in plaats van steeds meer. Geen last van impuls aankopen of onnodige zaken, zoals trends, mode of andere hebbedingen!”

Waar een normaal mens na twee weken Frankrijk al moet wennen om weer terug thuis te zijn, zal dat helemaal gelden voor Coby en Arnold. Hoe denken ze over een eventuele terugkeer? “Terug komen?” vraagt Coby. “Arnold ziet zijn toekomst wel weer in Nederland, waar en hoe weet hij nog niet. Voor mij? Ik weet het echt niet. Passen wij nog wel in dat leven? We zijn pas halfweg de wereld en moeten nog wat mijltjes doen, liefst heel langzaam. In een huis wonen met al die vastigheid en 'denkbare zekerheden' staat ons nog niet aan. Ook de kou en winterperiode missen we niet echt. Maar misschien het allerbelangrijkste is de rust in jezelf en onze leefomgeving die we onherroepelijk zouden kwijtraken in dat jachtige leventje in Holland, met zoveel verplichtingen en waar zoveel zaken zo belangrijk lijken te zijn. Nee, geen vastigheid, nog even niet.”

Benieuwd naar de avonturen van de Drifter? Kijk op onzedrifter.blogspot.nl